donderdag 29 september 2011

LOMBOK

Zondag 25 september melden onze nieuwe gids en chauffeur zich om half 10 bij het hotel. De gids blijkt een tanige Indonesiër, die Rudi heet. Hij is 72 jaar en moet nog werken omdat zijn jongste kind op de middelbare school zit. Potent baasje! Hij vermeldt er meteen bij dat hij hartklachten heeft en dus niet met alle evenementen onderweg mee kan komen. Tijdens de autorit beveelt hij de chauffeur wanneer er ingehaald mag worden en de rest van de tijd zit hij te knikkebollen. We stoppen bij een waterval en bij een hindoetempel, waar elke 5 jaar diverse beesten levend met een steen om de nek in het meer gegooid worden om rampspoed af te wenden. De "Partij van de dieren"  zou hier goed werk kunnen doen. Halverwege schrikt de gids waker en zegt: "Ik weet niet wat jullie gaan doen, maar ik ga eten". Misschien was het komisch bedoeld, maar dat kwam niet echt over. We eten van een prima indisch buffet en proberen als toetje: zwarte rijst met klappermelk. Niet voor herhaling vatbaar. Daarna bezoeken we in Ubud een zilvermakerij. Wat een priegelwerk! Helaas zijn er 2 goudtypes onder de dames en ik kom al om in het zilverwerk, dus er wordt niet gekocht. Machteld informeert nog heel onschuldig of ze ook goud verkopen. NEE!! We logeren in hotel Spirit of Bali, vlakbij Monkey Forest. Gelukkig neemt Rudi vlot afscheid. Hij moet nog 3 jaar werken, dan kan hij met pensioen. Lijkt me geen gemis! We hebben prachtige kamers met terras of balkon en dineren 's avonds  na een verfrissende zwembadplons in de tuin.
Maandag.
Natuurlijk meteen naar Monkey Forest waar het wemelt van de apen, die brutaalweg op je hoofd komen zitten en veel belangstelling hebben voor de zonnebril van Frank. Eéntje wil mijn rugzak openmaken, dus je moet hier je spullen goed in de gaten houden. Door het bos heen komen we in Ubud terecht, waar leuke winkeltjes en een overdekte markten zijn. Machteld koopt een slinger houten aapjes en Asha een zijden kamerjas. We lunchen stom toevallig in het hotel aan de sawa's, waar we in 2003 gelogeerd hebben. Er zijn eethuisjes te kust en te keur en helaas voor de ondernemers is er overal volop plaats. Het toerisme lijdt ook onder de crisis en het seizoen loopt ten einde.
Dinsdag.
Vandaag alleen een chauffeur die ons naar Padangbai moet brengen voor de transfer naar Gili Trawangan, één van de eilandjes voor de kust van Lombok. Om half 12 komen we in de havenplaats aan en de boot vertrekt om 1 uur, dus tijd genoeg voor een versgeperste juice of lassi (met yoghurt). Om half 2 gaan we aan boord van een klein bootje. Er zijn niet genoeg zitplaatsen dus wij vrezen te moeten blijven staan, maar het blijkt slechts een transfer naar een grotere boot, de Gili Cat, die voor anker ligt in de baai. Sneu voor de mensen die zo gedrongen hebben om voorin te zitten. Ze zijn er als laatste uit, haha. In de Gili Cat blijken wij 1e klas te reizen: we zitten voorin met airco, tv en natte doekjes om hoofd en handen mee te verfrissen. Dan varen we weg voor een overtocht die ons zal heugen. Er staat behoorlijk wat wind en de deining staat dwars op de boot. Bovendien is het een soort speedboot die als een gek door de golven klieft terwijl de passagiers van links naar rechts gesmeten worden. Het wordt allengs stiller aan boord en diverse mensen trekken wit weg. Er worden kotszakken aangedragen en ook Asha is de klos. Er zitten wat jongelui op het bovendek, maar die komen kletsnat naar beneden zwabberen. De overtocht duurt een uur en dat is best lang als je zeeziek bent. Redelijk geradbraakt komen we op Lombok aan. Het merendeel van de passagiers is blij dat ze van boord mogen, maar wij moeten nog een kwartier door naar Gili Trawangan. De boot kan daar niet aan land komen, dus er komt een lokaal bootje langszij. Het is nog een toer om tussen 2 grote golven door over te springen, maar we hebben geen keus. Twee matrozen houden je bij beide armen vast en slingeren je in de armen van 2 andere bootslieden in het lokale bootje. Gelukkig wordt de bagage er niet achteraan gegooid, maar die komt met de 2e boot. Aan de wal kleurt Asha zienderogen bij en er wachten 3 paard en wagens, die ons met de bagade naar Vila Ombak brengen. Hier barst het van de jongelui en langs de weg wemelt het van de eettentjes en barretjes. Het eiland is auto- en scootervrij, dus je kan hier zonder gevaar voor eigen leven op straat (nou ja, straat....) lopen. Hoewel...... tijdens ons verblijf zie ik een op hol geslagen paardje met wagen zonder berijder als een komeet over de weg stuiven, dus echt ongevaarlijk is het niet! De kinderen slapen in een huis op palen met een relaxbed buiten op de begane grond en een balkon met ligstoelen. Pa en ma nemen genoegen met een "grondhuis" met terras, maar met een prachtige grote badkamer. Hier produceren de douches en kranen alleen zout water ivm watergebrek en is er een kraan naast de douche om je in 2e instantie met leidingwater schoon te mandiën. Lekker, zo'n koude plens na de warme douche. Aan het strand staan ligbedden en parasols en het water is super helder. 's Avonds is de hele "zandboulevard" omzoomd door stalletjes met vis, spiezen, steaks etc. die voor je op de bbq gelegd worden. We eten tunasteak en visspiezen. Heel lekker en weer wat anders dan rijsttafel.
Woensdag.
Trouwdag van pa en moe!! Frank zet ons met elk een cocktail in de hand op Facebook en de felicitaties stromen binnen. Overdag lopen Rob en ik in 1,5 uur het eiland rond, huren Frank en Asha fietsen en wagen Machteld en Martijn zich aan een "wrakduik" naar een Japans orlogsschip dat voor de kust op 45 meter diepte ligt. Ze duiken met Nitrox, een speciaal gasmengsel voor het duiken op grotere diepte. Het wrak is interessant, maar byzondere vissen zien ze niet. Ik ben opgelucht als ze weer veilig boven zjn.
Donderdag.
's Morgens om half 9 gaan Rob, Frank, Machteld en Martijn duiken en Asha en ik kunnen met dezelfde boot mee snorkelen. Asha en ik zien 10!! schildpadden. Superleuk. Asha wil 's middags nog een echte duik maken, dus Chris gaat mee na de nodige moed verzameld te hebben. Eerst weer uitleg van de theorie en daarna een zwembadduik. Om 2 uur zitten we met de anderen in de boot en varen we naar Gili Meno. Voorzien van een loodgordel, een duikfles, flippers en een masker laten we ons net als de anderen heel professioneel achterover van de boot vallen. We hebben samen 1 gids, die ons meeneemt naar een diepte van maximaal 12 meter. We zien een reusachtige schildpad, een uitermate lelijke grote vis, een soort zeepaardje en natuurlijk allerlei kleurige vissen. Onderweg komen we de groep van Rob, Frank, Machteld en Martijn tegen.  We zien Machteld heel professioneel bezig met haar onderwatercamera en zwaaien even naar Rob. Omdat we de duik goed volbracht hebben krijgen Asha en ik een heus certificaat en vieren we onze dappere daad met allebei een Pina Colada op "happy hour", wat betekent dat we er 2 voor de prijs van 1 krijgen. Onze laatste avond eten we heerlijke gegrilde calamari en prawns, terwijl M&M zich tegoed doen aan spareribs.
Morgen met de boot naar onze eindbestemming op Lombok.


                                            Suite in Bali Spirit

                                                 Monkey's in Monkey Forest
                                              Gids Rudi bij de bus
                                            Aan land op Gili Trawangan
                                             Vervoer naar hotel

                                            M&M gaan wrakduiken
                                             Duo penotti
                                             38 jaar getrouwd
                                             Vis bbq
                                                          Paalwoning Vila Ombak

maandag 26 september 2011

BALI

Donderdag 22 september verlaten we om half 8 onze heerlijke bungalows op de plantage in Kalibaru voor het laatste ritje met Iwan, de gids en Komar, onze chauffeur. In de bus worden we toegesproken door Iwan, die onze familie zo gezellig vindt dat we een volgende keer als we in de buurt van Bandung zijn met het hele gezin bij hem mogen logeren. We krijgen een briefje met zijn adres, telefoonnummer en email zodat we hem kunnen bereiken. Naar de haven is het ongeveer 2 uur rijden en als we daar aankomen kunnen we zo de boot oprijden. Onze begeleiders gaan mee tot het hotel op Bali. We zien Bali al liggen aan de overkant en kunnen ons niet voorstellen dat de vaartijd 1 uur bedraagt. Inderdaad liggen we na ongeveer 20 minuten voor de haveningang, maar dan begint het wachten. Er is maar een beperkt aantal aanlegpieren en wij zijn nummer zoveel in de rij. Logistiek dus "de bottleneck". Gelukkig zitten we heerlijk in het zonnetje en waait er een fris windje, dus wachten is geen straf. Als we de boot afrijden is het eerste stuk van Bali dor en droog. Geen sprake van een weelderig groen bloemeneiland. Gelukkig verandert dit naarmate we verder langs de kust naar het oosten rijden. We logeren in Pemuteran, een klein vissersplaatsje met een prachtige lodge waar we ook allemaal weer een eigen bungalow bewonen met waranda en "buitendouche". Zowel het toilet als de douche bevinden zich per bungalow op een ommuurd binnenplaatsje in de openlucht. Geen slecht idee en lekker fris!  Bij het afscheid worden we allemaal omhelsd door Iwan, die zowaar de tranen in zijn ogen heeft. Komar en hij gaan met een lege bus terug naar Bandung. Een rit van 30 uur! Ze rijden in één keer door om zo snel mogelijk weer bij hun familie te zijn. Hati hati Iwan, planplan. Wees voorzichtig en rustig aan! Wij worden naar onze bungalows gebracht, waar een slinger rode en gele bloemen op ons bed ligt. Echt Bali! Het complex ligt aan het strand en er zijn 2 mooie zwembaden. Martijn en Machteld zijn niet meer te houden en willen meteen een duik maken. Rob gaat mee. Ze bespreken tevens een boot voor de volgende dag, waarin we met z'n allen naar een eiland in de buurt gebracht worden waar een mooie duikstek is. Frank en Asha hebben inmiddels de omgeving verkend en op loopafstand een leuk eethuis ontdekt. Hier eten we 's avonds voortreffelijk en met de "thuisbrengservice" van het restaurant worden we netjes naar ons hotel teruggebracht.
Vrijdag.
Met een supersnelle raceboot, voorzien van 2 enorme buitenboordmotoren, vliegen we in 25 minuten naar het eiland Menjangan. Asha en ik gaan snorkelen en de rest duikt. Zoals gewoonlijk blijven Martijn en Machteld het langste onder water, want die zijn heel zuinig met hun lucht.  We zien de prachtigste vissen in alle kleuren van de regenboog. De duikers zien ook een waterschildpad en een haai! We worden aan wal gezet op het eiland en krijgen een meegebrachte lunch: bami of nasi met kip, tempe en een gebakken ei. Heerlijk! Dan even verderop een 2e duik en rond 2 uur zijn we terug in het hotel.  De duikers kunnen er niet genoeg van krijgen en laten zich overhalen tot een nachtduik. Om half 7 's avonds, als het net donker is, verzamelen ze zich op het strand met een "dive-master" en krijgen ieder een grote schijnwerper uitgereikt. Een spoor van lichtjes verdwijnt langzaam in de golven. Machteld is na afloop helemaal gelukkig want ze heeft wel 10 naaktslakken, een partij poetsgarnalen en als klap op de vuurpijl een ghost pipe fish gezien. Die laatste schijnt best zeldzaam te zijn! Asha en ik zijn toch wel nieuwsgierig en besluiten dapper om de volgende dag een introductie-duik te gaan maken.
Zaterdag.
Een beetje zenuwachtig melden Asha en ik ons 's ochtends om 9 uur bij de duikschool. Eerst een formulier invullen dat we op eigen risico de duik maken en dat we goed gezond zijn. Vervolgens de theorie. Per 10 meter diepte neemt de druk met 1 atmosfeer toe, dus wordt de lucht in je longen samengeperst. Als je weer opstijgt neemt de druk evenzosnel weer af, dus zet de lucht in je longen weer uit. Als je bij stijgen dus je adem inhoudt ontploffen je longen.  Ooooooh, zit dat zo........ Asha en ik kijken elkaar een beetje bibberig aan, maar we laten ons niet van de wijs brengen. Na de theorie passen we onze duikpakken en flippers en wordt een loodgordel en de duikfles omgegespt. Jaja, sta dan maar eens op met 30 kilo extra gewicht. Dat valt niet mee, vooral niet als we dan ook nog de slappe lach krijgen. Met een hele aardige, geduldige instructeur gaan we het water in en leren eerst om onder water ons masker leeg te blazen. Dan oefening "verloren ademautomaat" en als we alles goed beheersen gaan we met de instructeur naar beneden. Het is een hele ervaring en de zenuwen nemen af naarmate er meer te zien is onder water. Asha heeft even problemen met haar oren, maar gelukkig gaat dit later beter. Al met al blijven we 50 minuten onder water en we zijn best trots op onszelf dat we het ons gelukt is. 's Middags besluiten Frank, Asha en ik een scooter te huren en de anderen gaan...................natuurlijk weer duiken. Bij de scooterverhuur staat een hele blitse scooter, waar Asha meteen helemaal verliefd op is. Frank en ik krijgen een gewonere versie, maar het rijdt allemaal prima. De tank is snel leeg en bij een stalletje onderweg kopen we benzine per fles die we zo in de tank gieten. Na ongeveer 1,5 uur rijden drinken we iets bij een straattentje en willen langs een andere weg terug. We slaan af naar de kust en komen via een zandpad bij een plantage terecht. Hier kunnen we niet verder, dus omdraaien. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan met zo'n zware scooter en Asha valt met scooter en al om. Gelukkig geen erge pijn gedaan, maar nu start haar scooter niet meer! Wat nu in the middle of nowhere. Een inlandse man die op zijn landje aan het werk is zit dit alles van een afstandje te bekijken en steekt er een sigaretje bij op. Goede raad is duur. We besluiten dat Frank met zijn scooter hulp gaat halen terwijl Asha en ik met onze scooter naar de weg teruglopen. Binnen de korste keren worden we achtervolgd door een hele horde kinderen die luid lachend en kletsend met ons meelopen. Na een kwartiertje horen we geronk en komt Frank aanrijden met een mannetje achterop. Hij constateert dat de benzinetank leeg is (mogelijk bij de val leeggelopen omdat de benzinedop er niet opgedraaid was) en bij Frank achterop scheuren ze weer terug naar het dorp om een fles benzine te halen. Gelukkig, tank vol en starten maar. Helaas................ De flitsende scooter laat het opnieuw afweten. Ook omwonenden die langsrijden wagen een startpoging, maar uiteindelijk neemt Frank de scooter over en aangeduwd door een horde kinderen loopt hij met de scooter aan de hand naar het dorp. Er is gelukkig een reparateur, die onmiddellijk tijd voor ons maakt en de hele scooter uit elkaar sloopt. Geen beweging in te krijgen. In arren moede bellen we de verhuurder en we mogen de scooter daar laten staan en met de 2 andere scooters terugrijden. Als we willen vertrekken komt ineens de motor tot leven en onder luid applaus van alle uitgelopen dorpsbewoners heeft de monteur het apparaat aan de praat gekregen. Hij maakt zelf een proefritje en na een flinke fooi vertrekken we naar huis. Een schitterend avontuur en wat zijn die indonesiërs behulpzaam! Bovendien hebben ze ontzettend veel plezier. We drinken een Bali Hai (lokaal bier) met de verhuurder van de scooters, die vertelt dat hij net een nieuw hotel-restaurant geopend heeft in Pembuteran. Op de terugweg lopen we erlangs en beslissen daar 's avonds met z'n allen te gaan eten. Zo gezegd, zo gedaan. Onze vriend loopt er zelf ook rond en komt ons als oude bekenden aan tafel begroeten. De eerste stek op Bali is ons uitstekend bevallen!


                                              Komar en Iwan

                                            Bloemenbed op Bali

                                              Duiker Frank

                                             Machteld en Martijn

                                             Bungalow op Bali

                                             Flitsende scooter van Asha


                                             Hulp van the kids


                                          Bali ontbijt

zondag 25 september 2011

MALANG

Zondag 18 september worden Rob en ik al vroeg wakker en we hebben tijd genoeg om voor het ontbijt een wandeling rond het vulkanische meer te maken. Het lijkt Marken en Volendam wel! Allerlei kraampjes met saté, sop ayam en batik hemden, versierde paardjes waarop je onder begeleiding een ritje rond het meer kan maken, motorbootjes waarin je op het meer kan scheuren..... En dat alles is al druk in gebruik om half 7 's morgens. Het is natuurlijk zondag en dan komen indonesische families hier weekend vieren. We zien nauwelijks blanken. De bediendes in ons hotel spreken alleen maar indonesisch, dus we moeten ons met handen en voeten verstaanbaar maken, maar dat lukt prima. Gelukkig blijkt Martijn weer aardig hersteld en hij heeft weer praatjes. We vertrekken vroeg voor een rit van 6 uur met het busje naar Malang. Zolang bussen is niet onze hobby, maar de afstanden zijn op Java zodanig dat er weinig anders opzit. Het is al donker als we in ons hotel aankomen en gelukkig mogen we de volgende dag uitslapen want we vertrekken pas om 11 uur richting Bromo.
Maandag na het ontbijt vindt ieder zijn weg naar het fraaie zwembad en liggen we heerlijk te luieren tot we na een warme douche vanuit het hotel met Iwan, onze vaste gids, een stadswandeling gaan maken. We lopen door een straat met van oorsprong door Nederlanders gebouwde huizen waarin nu de nieuwe rijken (vnl chinezen) wonen. In een enorme shopping moll kopen we ansichtkaarten en daarna gaan we lunchen bij de bekende Toko Oen. Weer de bus in en op weg naar de Bromo. We logeren in een hotel op 3 km afstand van de vulkaan. Bij binnenkomst in het hotel is Machteld onmiddellijk in de ban van een prachtige fototentoonstelling van de rokende Bromo omringd door een aantal andere vulkanen. Ook boven ons bed hangt een schitterende foto, dus the kids  willen dat zelf ook zien wat betekent dat ze om half 4 's morgens moeten opstaan. Rob en ik hebben dit festijn al eens meegemaakt, dus wij slapen uit.  Met een jeep vertrekken ze dik ingepakt in extra truien en jassen om half 5 naar boven en ze hoeven niet lang te wachten want zodra ze boven komen begint de lucht te kleuren van de naderende zonsopgang. Asha en Machteld schieten aan de lopende band foto's. Het is helder weer en juist als ze de zonsopkomst fotograferen braakt de Bromo een vette rookpluim uit. Goeie timing! Het is lang niet zo koud als verwacht en ook de krater stinkt nauwelijks naar zwavel. Heel anders dan de vorige keer in 2003 toen we amper konden ademen van de bijtende zwavellucht en vernikkelden van de kou omdat de zon zo lang op zich liet wachten. Beneden wacht een warme douche en een heerlijk ontbijt. Om 10 uur staat het busje voor en rijden we naar onze laatste stek op Java waar we gelukkig 2 nachten mogen blijven.We logeren in Kalibaru, waar ieder een eigen bungalow heeft. Omdat Kalibaru vrij hoog ligt is het 's avonds op onze privé waranda's goed toeven. We hebben nog tijd voor een duik in het mooiste zwembad dat we tot nu toe gehad hebben. Het ligt aan een snelstromend riviertje en heeft een prachtig zicht op de weelderig begroeide bergen. In de mooi aangelegde tuin staan allerlei soorten kleurige bloemen en bloeiende bomen. De eetzaal is open en grenst aan deze tuin. Echt een oord om heerlijk uit te rusten.
Woensdagochtend krijgen we een rondleiding in een plaatselijke fabriek waar zowel koffie en cacao, alsook rubber verwerkt wordt. De machines die door waterkracht worden aangedreven stammen nog uit de Nederlandse periode en werken perfect. Martijn legt ons de principes van de aandrijving uit en een lokale gids vertelt alles over de verwerking van de diverse produkten. Bijna alles is handwerk. We zien vrouwen die met de hand de koffiebonen sorteren, boon voor boon. Ze verdienen 500 Rp per kilo en komen op een productie van ongeveer 50 kilo per dag, dus 25.000 Rp= 2 euro! Als slot leidt de gids ons rond op de plantage waar we rubberbomen, kruidnagelbomen en koffie en cacaoplanten zien. We eindigen met een kopje thee of koffie met pisang goreng. De gebakken bananen zijn zo lekker dat we het recept vragen en we gaan ze thuis ook zo proberen te maken. Onderweg koopt Iwan een doerian voor ons, de stinkende vrucht die heerlijk moet smaken. De hele bus stinkt binnen de kortste keren verschikkelijk en Iwan en de chauffeur hebben de grootste lol. In het hotel snijdt Iwan de doerian open en mogen we proeven. Niemand vindt hem erg lekker en we schenken het overschot aan het hotelpersoneel, dat zich de traktatie goed laat smaken. 's Middags eindelijk tijd om een wasje te doen en we laten ook het nodige door de wasvrouwen van het hotel wassen. In keurige pakketjes wordt het 's middags schoon en gestreken bij ons terugbezorgd.  Als we in het donker nagenieten van een heerlijke indische rijsttafel horen we de gekko "tokkeh" roepen.  Eén zo'n exemplaar heeft zich in de nok van het huisje van Frank en Asha genesteld en Asha schrikt zich 's nachts een hoedje als het beest ineens keihard "tokkehhhhh" brult. Ze kan er later smakelijk om lachen.
Morgen met de boot naar BALI!!



                                          Amaryllus groeit hier gwoon in de tuin

                                            M&M hebben lol in het zwembad

                                           Bij Toko Oen

                                            Na de Bromo

                                              Martijn en Frank gewapend tegen zwavelstank

                                            Onze waranda in Kalibaru

                                  Koffiebonen sorteren voor 500 Rp (5 eurocent) per kilo
                      
         
    

zondag 18 september 2011

YOGYAKARTA

Zaterdag 17 september
Eindelijk even tijd om te schrijven, want ik ben met een zieke Martijn naar het hotel gegaan terwijl de anderen een wandeling in de bergen maken.
Even terug in de tijd:
Op woensdag de 14e nemen we de trein van 7 uur 's morgens van Bandung naar Yogyakarta. Het is een lange reis door prachtige sawa's en over eng hoge bruggen waar maar een enkel spoor overheen gaat. Hopelijk klopt de dienstregeling en komt er geen tegenligger aan! Machteld zit in het gangpad tussen 2 treinstellen op de grond bij een open treindeur om nog mooiere foto's te kunnen nemen. Als we over zo'n smalle brug rijden schuift ze toch maar een eindje naar binnen. Een jongen loopt af en aan van de "treinkeuken" naar de diverse coupé's om bestellingen af te leveren. Zo kunnen we koffie en thee alsook nasi rames en bami goreng bestellen. Alles wordt keurig op een met een cellofaantje afgedekt bord bezorgd inclusief lepel, vork en servetje. Om 3 uur arriveren we op het station in Yogya en wacht ons nog een uurtje bussen naar het hotel. Onderweg stoppen we om een verlaten ruïne van een dorpje te bezoeken, dat getroffen is door de uitbarsting van de Merapi in oktober 2010. Er staan alleen wat geblakerde muren overeind, waar nog lichtschakelaars en keukentegeltjes opzitten. Enorme bergen puin en as worden met vrachtwagens vol afgevoerd. Groot contrast met ons prachtige koloniale hotel op 5 minuten lopen van de Borobudur. We duiken meteen in het door een mooie bloementuin omzoomde zwembad om het stof van de reis af te spoelen en eten 's avonds in de prachtige eetzaal van het hotel.
Donderdag vroeg op om uiterlijk klokslag 6 uur voor de entree-poort van de Borobudur te staan. Het is niet druk en we krijgen een vrij vervelende indonesische gids mee die erg om zijn eigen grapjes moet lachen. We kunnen op ons gemak de Borobudur bekijken, alleen de bovenste etage is dicht ivm restauratie. Wat dit betekent zien we rond 8 uur als een hele schoonmaakploeg met stoffer en blik het afgezette deel beklimt. Door de uitbarsting van de Merapi is ook de Borobudur onder een aslaag terecht gekomen en dit wordt beetje bij beetje opgeruimd. Onze gids blijkt aan "handlezen" te doen en trakteert de kinderen op een verhelderend inzicht in hun karakterstructuur en een kleine toekomstvoorspelling. Frank en Machteld blijken nogal verstandelijk aangelegd en Martijn en Asha zijn meer gevoelsmensen. Gelukkig heeft iedereen een hoog IQ en Machteld kan zich wel 5 uur achtereen concentreren, terwijl Asha na 2 uur al moet relaxen. Martijn is maar 20% romantisch en Machteld meer dan 50%! Schokkend is dat Martijn 5 kinderen krijgt en Machteld maar 4. Loopt de eerste buitenechtelijke Maas al ergens rond??? Frank en Asha krijgen er allebei 2. Na ons meer fooi te hebben afgetroggeld dan de bedoeling was kunnen we gelukkig nog even zonder gids rondlopen en om 9 uur zitten we aan het ontbijt in ons hotel. Er is nog tijd om even te zwemmen voordat de bus ons meeneemt naar Yogyakarta. Onderweg nemen we een kijkje in een batikfabriek en slaan we allemaal cadeautjes in. Er wordt flink afgedongen en als zowel kopers als verkoper tevreden zijn krijgen we nog een kopje thee. Ons hotel ligt in het stadscentrum op 10 minuten lopen van Malioborostreet, de leukste winkelstraat van Yogya. Het is er 's avonds een drukte van belang en we eten heerlijk spicey rendang en "vissaté". De vis wordt opgediend op voor ieder een persoonlijk houtskoolbrandertje en smaakt voortreffelijk.
Vrijdag blijven Frank en Asha in het hotel achter om te gaan winkelen en lekker te "chillen". De rest bezoekt een sigarenfabriek waar sigaren nog met de hand gemaakt worden. Voorwereldlijke machines die verrassend goed werken en vingervlugge indonesiche schonen produceren de mooiste sigaren en we krijgen natuurlijk een paar proefmonsters mee. Dan volgt een fietstour door de sawa's met een lokale gids. Er wordt gereden op oud-hollandse fietsen en we krijgen rieten lampenkappen op ons hoofd tegen de zon. Rob lijkt op zijn vooroorlogse fiets zo weggelopen uit de Max Havelaar. Het is een prachtige tocht: Rob plant rijst met z'n blote voten in de modder, Machteld en Chris vouwen tempeh in bananenbladeren onder leiding van een schattig bijna tandenloos indonesisch vrouwtje en we proeven lokale lekkernijen bij de grootouders van onze gids. Een uur te laat komen we bij het hotel aan om Frank en Asha op te halen voor een bezoek aan het hindoeistische Prambanan tempelcomplex.  Als we terugkomen is het alweer bijna etenstijd en vanwege de goede ervaringen gisteren eten we in hetzelfde restaurant, waar het op vrijdag gezellig druk is.
Zaterdag vroeg op voor een ontbijt met vers gebakken wafels en pannenkoekjes met maple sirup. Allerlei kleurtjes juice waaronder kiwi en zuurzak. Heel lekker! Op weg naar ons hotel aan een vulkanisch meer in Sarangan stoppen we in Solo, ook wel Surakarta genoemd voor een bezoek aan het paleis van de Sultan. Dit blijkt een vervallen gebouw met enkele bejaarde gamelanspelers die een eentonig deuntje produceren en er staan wat vitrines met oorbellen, ringen en versierselen voor de lokale danseressen. Als we verder rijden begint het te regenen. Martijn voelt zich ziek en heeft koorts. We hebben afgesproken een wandeling door de bergen te maken, maar Martijn wil graag meteen naar het hotel en naar bed. Chris gaat mee en de rest loopt een deel van de route in de miezerige regen. Het hotel ligt mooi met uitzicht op het meer, maar het is en blijft heiïg. We trekken warme vesten aan, want de temperatuur is zo hoog in de bergen een stuk lager als in de stad.  Het lijkt Nederland wel!



                                                        Onze gids Iwan
                                              Machteld fotografeert vanuit de trein
                                                        Handlezende gids
                                           Rob plant rijst
                                           Fietsen door de sawa's
                                           Machteld vouwt tempeh
                                           Zij kan het veel sneller!


dinsdag 13 september 2011

BANDUNG

Maandagochtend starten we met een wandeling door de sawa's en vertrekken daarna rond half 10 richting de Puncak pas. We rijden door prachtige theeplantages en drinken bovenaan de pas thee vergezeld van allerlei typisch Indonesische hapjes: pasteitjes, zoete casave met kokos en iets gifgroens, dat mogelijk een lekkernij van rijstemeel is. Het is een lange tocht naar Bandung, vooral omdat het erg druk is op de weg met Indonesische families die naar huis terugkeren na het suikerfeest. Onderweg lunchen we op advies van de gids met Nasi Timbel: rijst in een bananenblad met allerlei kleine hapjes eromheen. Frank wil een typisch indonesische drank proberen en de meesten sluiten zich daarbij aan. Het blijkt een mierzoete kokosdrank met grote krullen gember erin, die heet geserveerd wordt. Het was best lekker maar niet voor herhaling vatbaar!
Rond 4 uur arriveren we in Bandung. Wegens plaatsgebrek zijn onze kamers opgewaardeerd naar formaat suite voorzien van een zithoek, een bureau en een bar. Niet verkeerd dus! We eten in het hotel en 2 muzikanten brengen live voor ons als enige gasten wat zestiger jaren songs ten gehore. Iedereen is zeer goed gehumeurd en de doorbakken steak smaakt prima.
Dinsdag 12 september.
Dit wordt een echte doe-dag en daar zijn we na al dat stadse vermaak wel aan toe. Door de "nederlandse" wijk in Bandung, waar nog huizen met rode dakpannen en glas-in-lood ramen staan aan een door hoge loofbomen omzoomde laan, rijden we naar de vulkaan Tangkuban Prahu. Al van verre kunnen we de zwaveldamp ruiken, want deze vulkaan is nog steeds actief. Op de hellingen maken we een wandeling met een lokale gids en zitten een tijdje bij de geijsers, waar verkopers ons proberen te verleiden tot het kopen van een in de geijser gekookt eitje. Dit laten we maar aan ons voorbijgaan. Dikke arabieren laten zich met warme modder insmeren en masseren. Natuurlijk willen weer diverse Indonesiërs met ons op de foto, wat we blijmoedig laten gebeuren. Zelfs Martijn die nooit wil lachen op de foto tovert een big smile tevoorschijn. En wie komen we op de terugweg tegen.......... Jawel, de Puiflijkers. Iedere toerist maakt hier hetzelfde rondje. Daarna staat een bezoek aan een theefabriek op het programma. Dat is fantastisch leuk. We worden rondgeleid en zien het hele productieproces aan ons voorbijgaan. Martijn is helemaal in zijn element en vraagt de gids de oren van het hoofd over de logistiek en waar de "bottleneck" van het proces zit. Dit is de machine of de bewerking die cruciaal is voor een goede doorstroming binnen de fabriek. Bij de theeproductie is dit volgens de gids het 1e droogproces van de ruwe theebladeren. Het drogen duurt 14 uur en als dit stagneert hebben de volgende machines geen toevoer. Al met al een reuze interessante rondleiding waar we veel van opgestoken hebben.
Als toetje rijden we naar de warmwaterbronnen van Ciater. We stellen ons bubbelende meertjes met naar zwavel stinkend water voor omringd door hoge bergen en tropisch regenwoud, maar het blijkt een soort heetwater zwembad annex restaurant. We trekken onze zwempakken aan en laten ons in het water van 42˚ zakken. Dat is bloedheet, maar wel heerlijk ontspannend. In het restaurant staat een indisch buffet klaar en we nemen een heerlijke verse juice erbij. De doe-dag is ons allemaal uitstekend bevallen. Morgen vroeg op, want om 7 uur vertrekt de trein naar Yogya.

                                           Nasi Timbel


                                           Theefabriek

                                     Theeplantage met 2 groene theeblaadjes


JAKARTA en BOGOR

Vrijdag 9 september, op de verjaardag van Machteld, vertrekken we met z'n zessen naar Indonesië: Rob, Chris, Martijn, Machteld, Frank en Asha. De kids vergezellen ons de eerste 3 weken en vervolgens reizen Rob en ik door voor een opdracht voor de PUM op Sumatra. Hierdoor kan het ook gebeuren dat Rob en ik met Garuda naar Indonesië vliegen en de kinderen met Singapore Airlines. Bizarre situatie! We vertrekken een kwartier na elkaar en komen zaterdagochtend rond 8.45 uur ongeveer tegelijkertijd aan in Jakarta. Daar staat zoals afgesproken onze gids Iwan klaar met een bordje: "Party Maas" en stappen we in het busje om meteen een stadstour te maken. We lopen rond in de oude haven, Sunda Kelapa, en bezoeken het Nationale Museum, dat gevestigd is in een oud Nederlands koloniaal gebouw aan het Fatahillahplein. Natuurlijk drinken we ook een juice in Hotel Batavia in koloniale sfeer omringd door zwart-wit foto's van allerlei beroemdheden die dit hotel bezochten, zoals Churchill, prinses Juliana en koningin Elisabeth. Op het plein lopen allerlei groepen schoolkinderen die in opdracht van hun leraar interviews in het engels  moeten afnemen van bezoekers. We zijn allemaal de klos en beantwoorden braaf hun vragen zoals: What is your name en Where are you from. Ook willen Indonesische families graag met ons op de foto. Waarom??? Ik zou het niet weten. Gelukkig kunnen we om 1 uur in ons hotel terecht want iedereen is redelijk gaar van de lange reis en het tijdsverschil. Heerlijke bedden in airco-kamers, dus we hebben niets te klagen en doen het de rest van de dag rustig aan.
Zondag bijtijds op om de grootste moskee van ZO-Azie te bezoeken. We doen de schoenen uit en krijgen een soort kamerjas aan. Indrukwekkend gebouw, een prestige project van Sukarno, waar zich na de ramadan (vorige week) meer dan 200.000 gelovigen verzamelen. Hier vlakbij, in het geografisch centrum van de stad staat het Monas (Nationale Monument van de onafhankelijkheid). Op weg naar Bogor stoppen we bij Taman Mini, een soort openluchtmuseum waar op ware grootte gebouwen uit alle delen van Indonesie zijn nagebouwd. Het lijkt de Efteling wel met een kabelbaan en waterfietsen. Toch is het aardig om bv op "Sumatra" een Minangkabau huis van binnen te zien. Via Nieuw Guinea en Zuid Sulawesi verlaten we het park en ploffen enigszins uitgeput in het busje. Na een wajangpoppensnijderij en een wandeling door de tuinen van Bogor waar we prachtige lotusbloemen zien, arriveren we pas rond 7 uur 's avonds op onze volgende locatie: Happy Valley Guesthouse in Bogor. Het in inderdaad een "happy valley". We zitten tussen de sawa's aan de oever van een snelstromend riviertje. Het is heerlijk koel, omdat Bogor een stuk hoger ligt dan Jakarta. Door alle geluiden van krekels en vogels buiten en het geruis van de rivier waan je je in "De stille kracht" van Cuperus. En wie treffen we daar aan op het terras........................... Een familie die in Puiflijk 200 meter van ons vandaan woont. Ook hier is de wereld klein. We eten op een overdekte waranda rijst en noodles met kip en tahoo/tofu en slapen heerlijk zonder airconditioning.




                                          In de moskee

                                            Uitzicht kamer Happy Valley