dinsdag 20 maart 2012

ADDIS ABABA

Woensdag 14 maart
Om kwart voor 10 rijdt Abba Dawit voor en vertrekken we richting Gambela na roerend afscheid te hebben genomen van Zr. Evelyn en haar companen. Natuurlijk heeft Abba niet van tevoren getankt en staat er een rij voor ons. Dan zet hij de sokken erin na een gebed van zr Brenda, die met ons meerijdt en hotsen en klotsen we in een grote stofwolk naar Gambela. We doen er ruim 2 uur over zonder lekke banden of motorpech en alleen de laatste kilometers zijn geasfalteerd.
In Gambela nemen we even de gelegenheid te baat om in de "tuin" van het plaatselijke hotel een glaasje fris te drinken en dan hobbelen we nog een kwartier door naar het vliegveld. We krijgen een eau de colognedoekje van Zr. Brenda en als ik mijn gezicht afveeg is het doekje meteen diep-oranje. Mijn broek, mijn t-shirt en zelfs mijn ondergoed is inmiddels koninklijk gekleurd. We nemen afscheid van Abba Dawit, die meteen teruggaat en dan in de rij voor de bagagecheck. Het kost ons een uur wachten, want men is vandaag van de securen omdat er gister een schietpartij in de buurt van het vliegveld heeft plaatsgehad. Alle tassen en koffers moeten open en worden leeggehaald. Iedereen kan van iedereen zien wat hij in z'n koffer heeft, want het gebeurt voor het front van alle wachtenden. Dan in de rij voor de ticketcontrole en dan nog eens door de scanner, dus riem af en schoenen uit. Het voordeel is dat we daarna vrijwel meteen het vliegtuig inkunnen en een kwartier voor tijd zijn we al in de lucht. We zweten als een otter want in Gambela is het zo'n 40 graden, dus het glaasje sinaasappelsap in het vliegtuig smaakt goed. In Addis verloopt alles gesmeerd en staat Lami, een chauffeur van de NCS ons op te wachten. Hij brengt ons in 3 kwartier naar Mother Anna's Home van de Helpers of Mary, net buiten de stad. We krijgen een keurige kamer en nemen een fris "bad" in 2 emmers koud water. Je wilt niet weten wat een vieze troep er uit mijn haren komt! Als ik lekker even de benen strek op mijn bed hoor ik uit de kapel naast mijn kamer het gezang van de zusters. Heerlijk rustgevend. In mijn laatste schone kleren verschijn ik om 8 uur aan het diner.
We eten met Zr. Stella, die evenals de zusters uit Sakko uit India komt. Met haar en zuster Jessy hebben we een leuk gesprek over onze reis en de financiële problemen van de NCS. Stella is een reële vrouw die verder kijkt dan haar eigen communiteit. Ik slaap heerlijk onder 2 dekens, want in Addis is het 's avonds behoorlijk fris.
Donderdag rijdt volgens afspraak om half 10 Lami voor om ons naar Addis te brengen. Eerst stoppen we bij een internetcafé waar we via de KLM-website inchecken en onze boarding pass printen. Kosten 2 birr (25 birr=1 euro). Dan naar de markt. Lami begeleidt ons naar een mooie souvernierwinkel, waar ik bezwijk voor een koptisch kruis. Vraagprijs 65 euro. Ik bied 40 en wil na mijn eindbod van 45 euro weggaan, want de baas wil hem niet voor minder dan 55 verkopen. Hij komt mij achterna en ik krijg mijn kruis voor 45 euro. Wouter valt voor een zilveren vogel en we lopen de hele markt af voor een paar schoenen voor hem. Op de valreep slaagt hij met een paar leren instappers voor 360 birr. De chauffeur brengt ons dan naar het paleis van Haile Selassie, waar we diverse Ethiopische kunstvoorwerpen en ook de slaapkamer en de badkamers van het echtpaar Selassie bewonderen.
Warm en dorstig lopen we naar een restaurant en laten bier en pizza's aanrukken.
Voortreffelijk lokaal bier en overheerlijke pizza's. 

                                      










Nieuwe schoenen kopen
en oude laten poetsen

  Proost!

We zitten lekker koel buiten onder de bomen tot Lami ons om 4 uur komt halen.  
Onderweg naar huis vertelt hij dat hij volgende week gaat trouwen. Zijn a.s. vrouw is vroedvrouw en er komen 2000 mensen op de bruiloft die allemaal naar vermogen de nodige birrs meenemen. Lami wil 2 kinderen, niet meer. Op mijn vraag of hij bij 2 jongens nog voor een meisje gaat is het antwoord nee, maar bij 2 meisjes doet hij nog wel een 3e poging. We hebben met z'n drieën de grootste lol en geven Lami 10 dollar als huwelijksgeschenk.
Om 8 uur 's avonds pikt Lami ons op om naar het vliegveld te gaan. Onze vlucht is mooi op tijd en rond half 7 vrijdagochtend 16 maart landen we op Schiphol. Thuis duik ik meteen in een warm bad en ik ben blij dat ik weer in mijn eigen bed kan slapen!





Meeting

12 maart 2012
Maandagochtend brengt Abba Dawit ons terug naar Danka, waar de Alecu-car ons ophaalt. Ze hebben eerst een "emergency" in het ziekenhuis afgeleverd, een vrouw met niet vorderende bevalling. Hoe moet dat in het regenseizoen als de wegen onbegaanbaar zijn? Dan overleeft ze de bevalling niet!  Onze laatste werkdag in de kliniek valt best zwaar. We zijn toch wel moe van alle viezigheid en ellende van de mensen en de kliniek in Alecu is donker en vies. Er zitten al weer ladingen patiënten te wachten en de stank van de ontstoken Podoconiose voeten is bijna ondraaglijk. Het is in Ethiopië toch wel een slag slechter dan in Kenia. Volgens Zr. Evelyn is Ethiopië het op 6 na armste land ter wereld. We inspecteren de farmacie waar we een uitgebreid assortiment medicijnen aantreffen en laten ons om half 4 naar Danka terugbrengen. Moe en stoffig na een uur hobbelen in de auto proberen we ons zo goed en kwaad als het gaat met een teiltje water op te frissen. Opmerkelijk hoe weinig water je eigenlijk nodig hebt. Dinsdag doen we het kalm aan en bereiden 's morgens de vergadering met de werkers uit de 5 klinieken voor. We maken een handout op de computer van Zr. Evelyn, maar printen lukt niet want er is weer eens geen stroom.
Om kwart voor 2 worden we opgehaald door Zr. Felekech en samen met Zr. Evelyn stappen we in de auto op weg naar de vergadering. Tot onze verbazing zitten Zr. Carmina uit Sakko en nurse Aman uit Addo al startklaar. Het wachten is op Megersa uit Danka. Als het te lang duurt opent Father Telahu de meeting met gebed en geeft Wouter het woord. Wouter vat onze werkzaamheden van de afgelopen 3 weken samen en ik geef uitleg over onze plannen voor het najaar. Als de sponsoren akkoord gaan zal vanaf oktober tot april volgend jaar elke 4 weken een Rotary Doctor in Danka neerstrijken en dagelijks één van de klinieken bezoeken. Samen met een nurse als vertaler zal spreekuur gedraaid worden en wij zullen met name aandacht geven aan het lichamelijk onderzoek. We willen een Treatment Manual ontwikkelen voor Ethiopië en het medicatiegebruik saneren: minder injecties en minder antibiotica. Onbetrouwbare laboratoriumtests moeten mogelijk verdwijnen en er zal aandacht zijn voor klinische lessen. De aanwezigen luisteren aandachtig en er wordt instemmend geknikt. Men wil dolgraag gebruik maken van onze kennis en kunde en is ook genegen meer te gaan samenwerken. Na een aantal vragen beantwoord te hebben blijkt het moeilijk een eind aan de meeting te breien, maar na verschillende hints van ons sluit de inmiddels ook gearriveerde Abba Dawit de vergadering. Wij krijgen allebei een grote zak Ethiopische koffie overhandigd en met diverse omhelzingen nemen we afscheid. Zr. Evelyn brengt ons thuis al om 5 uur ons bier, want we hebben hard gewerkt! Inmiddels is Zr. Brenda uit Addis gearriveerd, ook één van de Daughters of Charity. Ze vertelt dat afgelopen week een ploeg van de KRO tv in Addis opnames heeft gemaakt ivm de "vastenactie". Heel grappig is dat ze het Nederlandse woord gebruikt. Morgen gaat ze samen met ons naar Gambela voor de vlucht van 14.50 uur naar Addis. Abba Dawit komt ons om 9.30 uur halen, want we doen er door de abominabele wegen minimaal 3 uur over. En je dient altijd met 1 of 2 lekke banden en een oververhitte motor rekening te houden! Beter safe dan sorry.


Abba Dawit, Megersa,
Zr Evelyn, Zr Felekech

Wouter







Zr Carmina en nurse Aman
 

DANKA

Donderdag 8 maart
Het ontbijt bij de Daughters of Charity waartoe Zr. Evelyn en de anderen behoren is voortreffelijk. We starten met havermoutpap en daarna, wellicht speciaal vanwege alle Amerikaanse gasten, pancakes met maple sirup. Ik zal hier niet afvallen zoals in Kenia!

Om 9 uur lopen we 100 meter naar Danka Clinic waar we ontvangen worden door Mr Megersa, de Health Officer. Hij is een zeer aimabele man die punctueel is en met wie je afspraken kunt maken. Wouter en ik gaan allebei bij een mannelijke nurse zitten en volgen het spreekuur. Er komen hier gemiddeld 50-60 patiënten per dag. Het gebouw is ruim opgezet en er is een uitgebreide apotheek. Hier veel patiënten met opgezette schildklier vanwege jodiumgebrek. Ze kopen ter plekke 3 Lipiodol tabletten en gaan naar huis met een zak jodiumhoudend zout. Jaarlijks komen ze een nieuwe dosis Lipiodol halen. Ik zie een vrolijk lachende baby van 7 maanden die nog maar 6,5 kg weegt en zo slap is dat hij zo uit je handen glipt. Hier helpen geen antibiotica of vitamines zoals de nurse voorstelt. Dit kind moet naar de kinderarts, die er wsl ook niks aan kan doen. Een dove man hoeft niet te betalen voor zijn medicijnen en ook een oude blinde man wordt gratis behandeld. Het is heerlijk om rond 1 uur bij de Zusters te kunnen gaan lunchen en even te relaxen. 's Avonds is er plots weer elektriciteit, dus ik kan mijn telefoon en IPad opladen. Ik slaap hier goed!
Vrijdagochtend hebben we een afspraak met de hotemetoten van het gouvernement. Megersa gaat mee en we spreken met 4 heren, die doen of ze het verschrikkelijk druk hebben. De laagste eenheid is het district, verdeeld in een town en een rural area. Één trap hoger heet zone en weer hoger heet region. We worden geïntroduceerd door Megersa en Wouter vertelt wat we van plan zijn. Het viertal heren laat met veel omhaal van woorden weten dat de clinics op moeten schalen naar Health Clinics of anders degraderen tot Health Posts. Als eerste komt voor opschalen Alecu in aanmerking, daarna Karro en vervolgens Addo en Danka. Een Health Clinic moet beschikken over een Health Officer, gediplomeerde nurses, lab.man en vroedvrouwen. Bovendien moet het gebouw aan diverse eisen voldoen. Wie zal dat betalen? Nou, het gouvernement niet! De aanwezige baas van het district vraagt of we ook de gouvernementele Health Clinic in Dembi Dolo in ons plan willen opnemen. Dat is een nieuwe invalshoek die ons bevalt. Zo'n nauw contact met het gouvernement kan alleen maar voordelig zijn. Hij leidt ons later rond in deze Health Clinic, waar 4 Health Officers en ook vroedvrouwen werken. Het is een stuk viezer dan de Danka Clinic, maar er is zo te zien voldoende klandizie. Later op de dag praten we na met Megersa, die ons van alles vertelt over het aanvragen van licenties en de geldproblemen van de NCS, de katholieke organisatie die de klinieken beheert. Hun voornaamste Spaanse donor heeft de geldkraan dichtgedraaid en men is druk op zoek naar nieuwe sponsoren. In Alecu moet nodig nieuwbouw komen, Karro wacht op inventaris voor de nieuwe kliniek en personele kosten zullen alleen maar stijgen als de upgrading naar Health Clinic lukt. De klinieken kunnen zichzelf niet bedruipen en er zal altijd geld bij moeten. Het lijkt mij een failliete boedel, want het gouvernement is voorlopig niet van plan bij te springen. Megersa hoopt tegen beter weten in dat er sponsors zullen komen, maar gezien de wereldwijde recessie vrees ik het ergste.

Terug bij de Zusters blijken 2 Amerikaaanse echtparen gearriveerd die lesgeven aan de plaatselijke school. Één stel zit hier 1,5 jaar en de anderen zijn hier 6 weken om te helpen.
De zusters verzorgen een koffie ceremonie en we praten gezellig met de Amerikanen die laat in de middag weer vertrekken. Hoe meer gasten hoe beter voor Zuster Evelyn die stralend iedereen over de bol strijkt en overal een praatje maakt. De zusters giebelen wat af onderling. Zelfs tijdens de bijbellezing na het eten krijgen ze de slappe lach. Het kan hier allemaal!





Dembidolo

Zr Evelyn

       

 

ALECU

Woensdagochtend is er nog steeds geen water en elektra en het wordt steeds viezer bij de Abba's. Gelukkig worden we om 8 uur gehaald door zuster Felekech uit Alecu, die met vaardige hand haar Landcruiser over de hobbelige wegen in  1,5 uur naar Alecu rijdt. Daar krijgen we koffie en worden we bij de kliniek afgeleverd die naast het zusterhuis ligt. Dit is duidelijk een drukke tent want overal zitten en staan mensen. Ik zit bij Nurse Gamos, een aardige man die in een flink tempo de patiënten erdoorheen jaagt. Hier wordt geen enkele bloeddruk gemeten en verder ook nauwelijks lichamelijk onderzoek gedaan. Er komen veel podoconiosis patiënten met dikke opgezette onderbenen. Het is een vorm van elefantiasis (olifantspoten), die niet veroorzaakt wordt door een wormpje maar door allergische reaktie op silicaten die hier in het stof voorkomen. De lymfevaten in de benen raken hierdoor geblokkeerd en de onderbenen zwellen op terwijl de huid verhardt en op een olifantshuid gaat lijken. Via blote voeten lopen mensen de ziekte op. Ook jonge kinderen hebben al dikke voetjes en het wordt van kwaad tot erger. Één keer per maand komen deze patiënten naar de kliniek om hun voeten te weken in antiseptische vloeistof en met zalf of olie te behandelen. Ze kunnen ook speciaal schoeisel aanschaffen, want hun opgezette en misvomde voeten passen niet meer in normale schoenen. De mensen zien er ook hier vreselijk vies uit en lopen in gescheurde kleren. We zien zo'n 30 patiënten die ochtend en zijn blij dat we rond half 2 gaan lunchen bij de zusters. Zuster Felekech is een zeer energieke en slimme dame, die zich de kaas niet van het brood laat eten. Bovendien heeft ze een goed ontwikkeld gevoel voor humor, dus een aangenaam mens om mee te praten. Ook Alecu heeft 2 Abba's die zich 's middags even komen voorstellen. Tot onze verrassing zien we auto van Abba Dawit voorrijden. Hij heeft een meeting in Alecu en brengt ons rond 5 uur terug naar Danka, naar zuster Evelyn. Zij is een lieve vrolijke Filipijnse zuster die ons met open armen ontvangt. Voor Wouter is er een gastenkamer en ik mag in de vleugel van de zusters slapen. De kamer ziet er netjes en schoon uit, een verademing na de kamer bij Abba Dawit. Helaas is ook hier geen water en stroom. Na een dag in de kliniek en een lange autorit door het stof zou ik graag even onder de warme douche springen, maar dat is er dus ook vandaag niet bij. Bij het avondeten ontmoeten we de andere gasten: een in Amerika wonende Ethiopische vrouw die zich bezig houdt met de watervoorziening in de regio en 2 Californische cameramannen die een reportage maken over het "Eye-camp", een oogartsenproject met staaroperaties. Bijzondere en onverwachte ontmoetingen met enthousiaste mensen. John laat ons een stukje van de film over de staaroperaties zien. Bij een oude man worden de oogpleisters verwijderd en hij ziet voor het eerst zijn schoondochter en kleinzoon. Ontroerende beelden. De oogartsen doen 241 operaties in 10 dagen! Zuster Evelyn biedt ons aan een email naar huis te sturen waar ik dankbaar gebruik van maak. Het is mijn eerste mail deze reis en omdat het opwaarderen van mijn telefoonkaart niet lukt ben ik blij even een berichtje te kunnen zenden. Morgen naar Dankakliniek.

Zr Elsa, Felekech en Lemlem (betekent "groen")

                               Californische filmploeg met zusters in Danka                                             
                                    Kip rijdt ook mee!                             

ADDO kliniek

Maandag 5 maart
Maandagochtend om 9 uur melden wij ons bij de kliniek in Addo. Als we aankomen wordt er net een patiënt met de lokale "traumaheli" binnengebracht. Vanuit omliggende dorpen worden erg zieke mensen op een soort draagstoel of in erger gevallen draagbaar op de schouders van sterke dorpelingen naar de kliniek gebracht. Ook afgelopen week onderweg zijn we 2x zo'n optocht tegengekomen. Vandaag zijn 3 manlijke nurses aanwezig: nurse Aman, het opperhoofd, nurse Samson en nurse Gamachu ( betekent "happy" in het Oromifa, dus ik noem hem vanaf nu gewoon Happy). Wouter gaat bij Samson zitten en ik bij Happy. Er zijn veel patiënten en de vaardigheden van de nurses vallen ons niet tegen. M.n. Samson heeft veel ervaring en doet goed lichamelijk onderzoek, zelfs een vaginaal toucher. Dat wordt hier zelden gedaan. Ook nu worden bergen medicijnen voorgeschreven, maar deze nurses staan open voor commentaar en ook wij kunnen van hen leren. Dit lijkt de beste kliniek tot nu toe. Om half 11 laat iedereen zijn werk acuut vallen want er is "teabreak".
Al is het recept half geschreven, het blijft liggen tot na de thee. Bij de thee de locale heerlijke oliebollen, waarna ik bij de lab.man ga kijken. Het laboratorium ziet er schoon uit en er staat tot mijn verbazing een Hemocue (dure meter om bloedarmoede vast te stellen), maar de bijbehorende strips zijn verlopen in 1998. Zo'n bepaling kost in Nederland 1 euro per stuk, dus volkomen idioot dat hier zo'n meter gedropt is door een ongetwijfeld goed bedoelende gever. De simpele Hb meter is stuk, dus ze hebben nu niks. De lab.man is goed opgeleid en legt mij de Weil Felix test uit. Deze test ben ik nog nergens tegengekomen en dient om vlektyphus te diagnostiseren. Volgens de boeken is deze test even onbetrouwbaar als de Widaltest en natuurlijk bij bijna iedereen "reactief", wat weer overbodige behandeling met antibiotica genereert. Malariapreparaten kunnen vandaag helaas niet beoordeeld worden, want er is geen elektriciteit voor de microscoop.
's Middags zit ik bij Samson en er verschijnen 3 patiënten met kiespijn en een meisje bij wie de hoektand in de bovenkaak boven de tandenrij doorkomt. Samson blijkt een uitstekende kiezentrekker. De patiënt wordt op een laag krukje gezet en Samson neemt achter hem plaats. De patiënt leunt achterover en legt zijn hoofd op een kussen op de schoot van Samson. Eerst wordt verdoofd, daarna vakkundig de rotte kies getrokken. Ook de hoektand van het meisje wordt met beleid verwijderd. Ik ben zo geïmponeerd dat ik vergeet een foto te maken. Ook de compound van Abba Dawit zit zonder stroom, dus ik moet mij 's avonds behelpen met een kaarsje en dan te bedenken dat het hier om half 8 stikdonker is. Wouter heeft geluk, want op zijn kamer is solarlight. Ook de warme douche is afhankelijk van stroom, dus koud douchen. Maar ja, we hebben tenminste nog water.
Dinsdag draaien we weer spreekuur mee en bewonderen de verloskamer, waar per maand ongeveer 5-7 bevallingen gedaan worden door de nurses. Later hebben we een gesprek met de hoofdnurse Aman, een prima kerel, die zeer geïnteresseerd is in onze mening en ook bereid is dingen te veranderen. Vooral onze ideeën omtrent gemeenschappelijke inkoop van medicijnen door alle klinieken en terugdringen van het aantal injecties kan hij waarderen. Dit is een kliniek waar wij als Rotary Doctors zinvol werk kunnen doen! Terug op onze logeerkamers blijkt ook de watertoevoer gestopt. Het moet niet gekker worden. Morgen gaan we naar Alecu en daarna logeren bij Zr. Evelyn. Hopelijk is daar wel elektriciteit, want water is er sowieso niet.

Spreekkamer van nurse Samson
                                                       Trauma-heli

Weekend

Zaterdag staat er niks op het programma dus we doen het rustig aan. Lekker op ons "balkon" een boekje lezen, verslag maken en wat puzzelen. Om half 2 staat er een lekkere lunch klaar met spaghetti en tomatensaus. Omdat ik slecht geslapen heb duik ik na het eten mijn bed in en slaap heerlijk een uurtje bij. Dan een warme douche en meteen ziet de toekomst er weer veel rooskleuriger uit. Het is hier best uit te houden. In de namiddag maken we een wandeling in de omgeving. Het landschap is heuvelachtig en biedt mooie vergezichten o.a. op Dembidolo. In de natte tijd lijkt het wsl wel wat op Toscane. In de diepte komen we bij een riviertje waar zelfs in de droge tijd nog water doorstroomt. Hier grazen de koeien en ziet alles er veel groener uit. Natuurlijk worden we achtervolgd door giechelende vrouwen en kinderen, want veel blanken zullen hier niet rondlopen. Omdat Abba Dawit nog niet thuis is pakken we een biertje uit zijn ijskast en voelen ons even God in Frankrijk. Rond 8 uur komen beide Abba's thuis. Dawit is zoals gewoonlijk erg moe na een "jeugddag" in Sakko en hij moet morgen ook nog in een afgelegen kerk preken. Thadese preekt thuis. De Abba's verdienen elk 1000 birr in de maand, wat betaald wordt door het bisdom. Daarvan moeten ze hun guard zelf betalen en ook de diesel voor de auto. Het is dus bepaald geen vetpot. Om de 4-5 jaar krijgen ze een andere parochie binnen het bisdom aangewezen. Ze hebben 8 jaar studie achter de kiezen op het seminarie met vakken als filosofie en theologie. Ook de administratie van de kliniek en de school in Addo valt onder hun verantwoordelijkheid. Zoals gebruikelijk verdwijnen wij na het eten naar onze kamers en ik slaap gelukkig weer goed.
Zondag
De verjaardag van Frank. Van mijn laatste beltegoed stuur ik hem een sms'je. Via luidsprekers horen we van alle kanten muziek en preken uit de naburige kerken. Om half 10 loopt Abba Thadese naar de kerk in Addo en de dienst duurt tot half 1! Er wordt lang gepreekt in de lokale taal en weinig swingend gezongen zodat we van een bezoekje afzien. Ook op ons "terras" horen we het wel. Na de dienst lopen mooi aangeklede vrouwen met witte omslagdoeken en mannen in nette bloes of pak onder ons huis langs naar de school waar koffie wordt gedronken. We hebben natuurlijk veel bekijks en zwaaien naar de kerkgangers. De hele middag gaat het gezang in de omgeving door. Wij doden de tijd met lezen en puzzelen.



Kerkgangers
                                                                                                                                                                                                                

Onze lunch


ADDO

Vrijdag 2 maart
Eindelijk telefonisch contact met Abba Dawit. Omdat de Health Post in Sakko vrijdag ivm nationale feestdag (bevrijding van Italianen in 1943) gesloten is zegt Abba toe ons vrijdagochtend te komen halen en mee te nemen naar Addo. Zuster Lourdes en Zr. Emilia zijn van plan die ochtend rond 5 uur te vertrekken richting Addis want Lourdes gaat met verlof naar India. Als ik me om half 8 meld voor het ontbijt zijn ze nog niet weg. Zoveel te regelen! Eindelijk kunnen ze gaan en we zwaaien ze uit. De auto van Abba Dawit rijdt om half 10 voor en via de gebruikelijke zandwegen hobbelen we in een half uur naar Addo. We inspecteren onze kamers: schone lakens, maar erg vieze wasbakken. Wel is er nu even stromend water en elektriciteit. Abba moet vandaag in Danka zijn en wij grijpen de kans aan om mee te rijden en persoonlijk de zusters daar te bezoeken om te overleggen of er toch verblijf te regelen valt. Danka ligt tegen Dembidolo aan en beide plekken zijn vol met lopende mensen en heel veel stof en troep. Binnen de kortste keren zijn onze broeken oranje en onze oren, ogen en haren één stoftroep. We happen, snuiten en hoesten stof. De plek van de Daughters of Charity is een oase in de woestijn. Het is schoon, mooie kamers en tv met BBC-world. We komen onverwacht, maar worden toch hartelijk welkom geheten door Zr. Chehay, een gezellige dikkerd. We krijgen een heerlijke lunch met rijst, een linzenschotel en salade. Bovendien blijkt er 1 gastenkamer vrij en voor mij een kamer bij de zusters. Wat een mazzel! Alleen hebben ze een waterprobleem, want dankzij alle gasten is de watervoorraad op en moeten ze bijkopen. Tijdens zijn vorige bezoek heeft Wouter in Dembidolo een huis gezien waar we mogelijk kunnen wonen als we hier gaan werken. Met Abba rijden we erheen en ontmoeten huisbazin Hanna. Ze komt adequaat over en spreekt prima engels. Het huis ziet er goed uit, maar is ongebruikt en vies. Als we het willen huren wordt het schoongemaakt en gemeubileerd. Er zijn 2 slaapkamers, een huiskamer, een keukentje, een klein kamertje en en overdekt buitenplaatsje. De prijs per maand is 1500 birr ( 60 euro) en Hanna kan zorgen voor een huishoudster en een guard. De huisraad, servies, pannen, lakens, dekens, kooktoestel etc moeten we zelf regelen. Terug bij de zusters ontmoeten we Zr. Felekech uit Alecu, die na een vermoeiende reis met de bus vanuit Nekemte arriveert. In haar kliniek kunnen we komende week woensdag en vrijdag terecht en de "Alecu-car" zal ons om half 9 in Danka oppikken en 's avonds weer thuisbrengen. Dat is fijn en vlot geregeld. Eindelijk iemand die in 10 minuten spijkers met koppen kan slaan. Het is inmiddels tegen 4 uur en Abba Dawit is klaar met zijn vergadering dus volgens ons kunnen we naar huis. We zijn behoorlijk gaar na een dag in die stoftroep en verlangen naar een lekkere douche. Maar eerst moet de kokkin opgehaald worden bij de schoonheidssalon. Jawel!! Ook dat schijnen ze hier te hebben. We rijden rondjes door het hele dorp, Abba maakt praatjes met iedereen, maar geen kokkie. Dan maar bellen. Ze is nog niet klaar, dus rijdt Abba naar het huis van Father Antonie Ooms, een bejaarde Lazarist die hier al 50 jaar woont. Hij is niet thuis, maar we krijgen cola van zijn hulp. Mooi om zo'n huis te zien met stoffige aftanse meubels en een boekenkast vol Nederlandse boeken, waaronder ook recente exemplaren van Coetzee en Japin. Eindelijk is kokkie klaar. Het blijkt een jonge meid, die sjachrijnig en zonder boe of bah te zeggen instapt en meerijdt. We zijn bekaf en alles meer dan zat. Wonder boven wonder is er een warme douche in het gastenhuis en na een maal van linzen, aardappelen en papaja duik ik mijn bed in. Ik slaap slecht en vraag me af of ik hier in die stoftroep tzt 5 weken wil zitten en of we hier wel zinvol werk kunnen doen. Bovendien meldt mijn mobiel dat ik bijna door mijn beltegoed heen ben, dus de moed zakt me een beetje in de schoenen. Morgen een dagje vrij om op adem te komen. Is wel nodig!

                                               Onze "bungalow" in Addo
                                                 Mijn kamer
                                                De apen lopen over het dak

Podoconiose en andere kwalen

Dinsdagochtend word ik gewekt door het gezang van de 3 zusters en om half 8 zitten we aan het ontbijt. Speciaal voor ons is brood gebakken en er zijn injera's, een soort dunne zure pannenkoeken. Mijn Old Amsterdam kaas valt vooral bij Zr. Emilia in de smaak en we krijgen een omelet met uien. Om half 9 ga ik met zuster Carmina naar de kliniek, die naast het zusterhuis ligt. Eerst wordt gebeden met de staf: 2 nurses, de lab-man en enkele administrateurs. Nurse Regatu doet vandaag de consultations en ik zit naast haar. Ze spreekt goed Engels en vertelt mij wat de klachten van de patiënt zijn. Alles gaat bijzonder traag en we zien in 1 1/2 uur maar 6 patiënten. Ze meet bij iedereen de bloeddruk en luistert uitgebreid naar de longen. Het instrumentarium is veel uitgebreider dan in Karro en er is zelfs een oorspiegel! Ook nu wordt weer enorm veel medicatie voorgeschreven. Voor de nurses hier bestaat de patiënt uit een verzameling klachten en elke klacht wordt medicamenteus behandeld. Zo komt er een 8 jarig jongetje die gister geweest is terug omdat hij nog steeds hoest. Ik zie een niet-ziek kind dat Ciproxin slikt voor de diarree, Chloroquin voor zogenaamd malaria, Vermox voor wormen en Paracetamol voor koorts. Dit is gister voorgeschreven en hij hoest nog steeds. Nurse Regatu kijkt bedenkelijk en schrijft een hoestdrank voor en ook vitamine B want het manneke heeft geen eetlust. Vind je het gek als je al niet lekker bent en ook nog zoveel pillen moet slikken. Mij zou de eetlust ook vergaan. Bijzonder is dat er een uitgebreid kaartsysteem aanwezig is van alle patiënten. Later loop ik mee met de lab-man, een heel aardige jongen die ook z'n tijd neemt. Elke patiënt met diarree wordt verdacht van typhoid fever en krijgt een zogenaamde Widal bloedtest, een test die uitermate onbetrouwbaar is en veel vals positieve uitslagen laat zien. Zo ook hier, wat weer veel onnodige voorschriften genereert. De lab-man neemt ook huidbiopten af en we zien onder de microscoop een prachtig beeld met kleine bewegende wormpjes die in de huid zitten. Deze wormpjes kunnen Elephantiasis (dikke benen door verstopte lymfevaten) en River Blindness veroorzaken. In Ethiopië komt vooral de allergische vorm van Elephantiasis voor, de Podoconiose. Bij deze aandoening raken de lymfebanen verstopt door een immuun reactie van het lichaam op silicaten die in de vulkanische as voorkomen. Een voor de hand liggende manier om deze ziekte te voorkomen is het dragen van schoenen! Ook TBC is een regelmatig voorkomende kwaal, want mensen hebben zeker in de droge tijd als er weinig voedsel is minder weerstand. In deze kliniek kan de TBC-bacil aangetoond worden in het sputum en we mogen wat oude preparaten met de bekende rode zuurvaste staafjes bewonderen. We inspecteren de apotheek en zijn geïmponeerd door de hoeveelheid uitstekende medicijnen die hier in voorraad zijn. Bovendien is van geen enkel medicament de houdbaarheidsdatum overschreden, dus dat klopt allemaal. Er is ook een soort verloskamer en er wordt af en toe nog een bevalling gedaan door Zr. Carmina.
In Sakko hebben we geen bereik voor onze telefoon en met een schooljongen loop ik naar een speciale plek buiten het dorp op een heuvel,  waar ik sms'jes kan sturen en ontvangen. Daar krijg ik bericht van Rob dat hij het bedrag dat hij uitspaart omdat ik uit de kost ben in het kader van de vastenactie in Puiflijk heeft geschonken aan de Daughters of Charity in Addis Ababa. De zusters in Danka en Alecu behoren tot deze orde. Mooi gebaar vinden de zusters hier als ik het ze vertel.
Onverwacht blijkt vrijdag hier een nationale feestdag en is de kliniek gesloten. We willen proberen om vrijdag naar Danka te gaan en na het weekend naar Abba Dawit in Addo. Wouter belt Zr. Evelyn in Danka en dan blijkt dat zij de komende 2 weken al gasten heeft en dat wij daar dus niet kunnen slapen. Een fikse streep door de rekening! We hebben in de planning aangegeven dat we de laatste week in Danka willen logeren ivm bezoek aan klinieken in de buurt en horen nu voor het eerst dat dat niet kan. Hoe gaan we dat regelen? Hopelijk weet Abba Dawit raad, maar voorlopig neemt hij de telefoon niet op, dus we blijven proberen!                               

Widal test
                                                                                                                  
                                                      
BIER!

KARRO

Maandag 27 februari
Maandagochtend half 8 ontbijt en met zuster Emilia op weg naar de kliniek in Karro, waar we 2 dagen spreekuur willen bijwonen. Omdat de auto van de zusters niet erg betrouwbaar is nemen we pyjama en tandenborstel mee om in Karro te overnachten. De weg is slechter dan slecht, diepe gaten, grote rotsblokken, stofwolken. In de regentijd zijn de zusters verschillende keren gestrand en moesten ze de auto achter laten en te voet verder. Helemaal dizzy komen we 3 kwartier later in Karro aan. Het is een behoorlijk dorp aan een zandweg, waar een grote kerk, een Health Post en een school gevestigd zijn. De school ziet er mooi uit en er studeren ruim 1000 kinderen! De Health Post is oud en donker, maar ernaast staat een prachtig nieuw gebouw dat net af is. Het blijkt een nieuwe Health Post, geschonken door een particulier, maar het is nog niet in gebruik omdat men wacht op de inventaris. De sponsor daarvan laat het even afweten, dus de boel staat leeg. Hoelang nog? vragen we ons af. Wouter zet zich bij Nurse Ghirma en ik mag bij Zuster (nurse) Emilia zitten. Ik zie die ochtend zo'n 20 patiënten met kwalen als diarree, rugpijn, total body pain, struma en bronchitis. De nurses meten bij iedereen bloeddruk, maar doen verder nauwelijks lichamelijk onderzoek. Iedereen krijgt antibiotica en liefst een spuit. Hier is wat betreft bijscholing heel wat werk te verzetten. We krijgen kleine glaasjes thee met veel suiker en een soort oliebol erbij die speciaal voor ons gebakken is. Na een warme lunch die door Zr. Emilia op een petroleumstel is bereid zien we 's middags nog enkele patiënten, maar erg druk is het niet. Aan het eind van de middag wandelen we met Zr. Emilia naar de lokale markt waar men de boel net opbreekt.  Alles is erg armoedig, de kleding van de mensen ziet er vaak versleten en vuil uit, terwijl de kinderen toch niet ondervoed lijken. Op de terugweg worden we uitgenodigd om binnen te komen in een huisje met een dak van een soort gras. Het is erg donker binnen en we mogen op lage bankjes plaatsnemen. Schattige kindjes kijken ons met grote ogen aan. Moeder zet koffie, die van grote hoogte in kleine glaasjes wordt ingeschonken. Daarin een grote schep suiker en genieten maar. Heerlijk! We krijgen er geroosterde en gezouten linzen bij. De mensen zijn zeer gastvrij en delen wat ze in huis hebben. Tegen het donker gaan we op huis aan. Er zijn 2 primitieve slaapvertrekken in Karro en ik slaap met Zr. Emilia op 1 kamer. Sindskort is er gelukkig een toilet want anders moet je in het donker de bush in. Twee bewakers houden de wacht en ik slaap ondanks het gehuil van wsl hyena's behoorlijk goed.
Dinsdag 28 februari.
Vandaag ga ik met het vaccinatieteam naar Lagalome en Wouter doet spreekuur in Karro met de nurse. Om half 10 vertrekken we met vaccins in koelboxen en een aantal lifters in de laadbak. De weg is minstens even slecht als gisteren, maar gelukkig bergafwaarts zodat we geen tussenstop hoeven te maken om de motor te koelen. Zal terug wel anders zijn! Lagalome is een nieuwe dorp waar de regering mensen van de Harar-stam geplaatst heeft die eerder in een onvruchtbaar deel van Oost-Ethiopië woonden. De Helpers of Mary, de orde van Zr. Emilia, heeft de mensen golfplaten, deuren en spijkers gegeven om zelf huizen te bouwen. Dat hebben ze gedaan en er wonen nu zo'n 4000 mensen, vooral bijzonder veel kinderen. Er is een kleine Health Post, waar al veel vrouwen met kinderen op de rug staan te wachten. Van regeringswege wordt gratis een vaccinatieprogramma aangeboden: DTP HepB Hib, Pneumovax, oraal poliovaccin, BCG ( tegen Tbc) en mazelen. Zwangere vrouwen worden tegen Tetanus ingeënt. Iedereen heeft of krijgt een vaccinatiekaart en er wordt een uitgebreide boekhouding bijgehouden. Ik kan weinig anders doen dan toekijken en foto's maken.  Met Zr. Emilia ga ik op bezoek bij één van de oorspronkelijke bewoners in een zeer armoedig hutje met open stookplaats waar pa en moe samen een waterpijp roken. Ze zijn gekleed in oude vodden en hebben 6 kinderen. Niet om erg vrolijk van te worden. Het is heel warm in Lagalome en ik ben blij als we rond 2 uur terug naar Karro kunnen. Onderweg moeten we 2 x stoppen om water over de oververhitte motor te gooien maar we redden het gelukkig. Samen met Wouter gebruiken we een late lunch en in een volgeladen auto hobbelen we terug naar Sakko. We zijn te vies om aan te pakken en gelukkig hebben de zusters emmers heet en koud water klaar voor een verfrissende "douche". Ik ben benieuwd of ik mijn broek ooit weer schoon krijg, want je kunt er soep van koken! Onder het genot van een koud biertje maak ik samen met Wouter een plannetje voor de komende dagen en na de avondmaaltijd die hier rond 8 uur geserveerd wordt zoeken we afgepeigerd onze kamers op.

                                           Nieuwe, nog leegstaande kliniek in Karro
                                                        Slaapkamer van Chris + zr Emilia
                                           Kleurrijke dames
                                                       
                                           
                                                         Wachten op vaccinaties

                                               Vaccinatieteam
                                           Koelen van oververhitte motor

maandag 19 maart 2012

SAKKO

Maandag 27 februari
Om even over elven staan we gepakt en gezakt in de hal van het hotel te wachten op de shuttlebus die voor kwart over 11 besteld is. Ruim 20 minuten te laat rijdt de bus eindelijk voor en om de verloren tijd in te halen racet de chauffeur in 8 minuten naar het vliegveld. Aan de balie van de domestic flights is het uitermate rustig en we zijn onze tassen zo kwijt. Dan door de security. Vergeleken hierbij is Schiphol een eitje: riem af, horloge af, schoenen uit en dan nog door een poortje en als het tegenzit fouilleren. Al vlot kunnen we aan boord van de lokale vlucht, die propvol zit. We vertrekken 10 minuten te vroeg, want ze denken daar: vol is vol. Het is een uurtje vliegen naar Gambela, waar we allemaal in de hal worden verzameld. We zien onze bagage op grote karren staan, maar eerst moeten de nieuwe passagiers met bagage aan boord en dan worden onze koffers naar de hal gereden. We pakken de tassen zelf van het karretje en zien gelukkig buiten zuster Elsa uit Alecu die ons komt halen. We stappen in een oude stoffige Toyota Landcruiser en 3 1/2 uur later komen we gehutst en geklutst in Addo aan. Asfaltwegen kennen ze hier nauwelijks, dus je hobbelt over enorme keien en zakt weg in diepe gaten. Onderweg zien we lange rijen vrachtwagens van hulporganisaties zoals UNHCR en World Food Program langs de kant staan, volgepakt met voedsel. Dit is hoogst waarschijnlijk bestemd voor de vluchtelingenkampen, die hier in de grensstreek vol zitten met Soedanesen die het geweld in eigen land ontvlucht zijn. Halverwege zet de chauffeur de wagen aan de kant, want de motor moet afkoelen en wordt met water overgoten. Het landschap is dor en droog, want er is sinds half oktober nauwelijks meer regen gevallen. Half maart start het regenseizoen dat duurt tot oktober. In die periode zijn de wegen vaak onbegaanbaar.
In Addo stoppen we bij de woning van Abba Dawit, waar we de eerste dagen zullen logeren. Zuster Elsa klopt op de deur: niemand thuis. Dan maar bellen. Eindelijk wordt de deur opengedaan en verschijnt een slaperig gezicht. De Abba heeft duidelijk niet op onze komst gerekend. Wij worden op enkele stoelen gepoot en er volgt een pittig gesprek met zuster Elsa in een voor ons onbekende taal. Er blijkt zoals vaker in deze contreien een communicatieprobleem. We worden in Sakko verwacht en niet hier. Gelukkig blijkt Abba Dawit een aardige vent van ongeveer 30 jaar oud die ons van een koud biertje voorziet en zijn hulp opdracht geeft een maal voor ons klaar te zetten. We krijgen rijst en salade met een kipcurry wat bij navraag zijn eigen avondmaal blijkt te zijn. We nemen allebei dus maar een klein beetje, want straks in Sakko moeten we ongetwijfeld weer eten. Inmiddels is ook Abba Thadese gearriveerd en samen brengen ze ons over de inmiddels donkere weg naar de zusters in Sakko. Daar wachten de zusters Emilia, Lourdes en Carmina ons op met een bosje welkomsbloemen. Er is geen stromend water, dus we krijgen een emmer warm en een emmer koud water om ons te "douchen", wat prima te doen is. Heerlijk opgefrist met de zusters gegeten en doodmoe naar bed.


                                             Zr Elsa haalt ons op
                                             Zr Emilia, Lourdes en Carmina