dinsdag 13 september 2011

BANDUNG

Maandagochtend starten we met een wandeling door de sawa's en vertrekken daarna rond half 10 richting de Puncak pas. We rijden door prachtige theeplantages en drinken bovenaan de pas thee vergezeld van allerlei typisch Indonesische hapjes: pasteitjes, zoete casave met kokos en iets gifgroens, dat mogelijk een lekkernij van rijstemeel is. Het is een lange tocht naar Bandung, vooral omdat het erg druk is op de weg met Indonesische families die naar huis terugkeren na het suikerfeest. Onderweg lunchen we op advies van de gids met Nasi Timbel: rijst in een bananenblad met allerlei kleine hapjes eromheen. Frank wil een typisch indonesische drank proberen en de meesten sluiten zich daarbij aan. Het blijkt een mierzoete kokosdrank met grote krullen gember erin, die heet geserveerd wordt. Het was best lekker maar niet voor herhaling vatbaar!
Rond 4 uur arriveren we in Bandung. Wegens plaatsgebrek zijn onze kamers opgewaardeerd naar formaat suite voorzien van een zithoek, een bureau en een bar. Niet verkeerd dus! We eten in het hotel en 2 muzikanten brengen live voor ons als enige gasten wat zestiger jaren songs ten gehore. Iedereen is zeer goed gehumeurd en de doorbakken steak smaakt prima.
Dinsdag 12 september.
Dit wordt een echte doe-dag en daar zijn we na al dat stadse vermaak wel aan toe. Door de "nederlandse" wijk in Bandung, waar nog huizen met rode dakpannen en glas-in-lood ramen staan aan een door hoge loofbomen omzoomde laan, rijden we naar de vulkaan Tangkuban Prahu. Al van verre kunnen we de zwaveldamp ruiken, want deze vulkaan is nog steeds actief. Op de hellingen maken we een wandeling met een lokale gids en zitten een tijdje bij de geijsers, waar verkopers ons proberen te verleiden tot het kopen van een in de geijser gekookt eitje. Dit laten we maar aan ons voorbijgaan. Dikke arabieren laten zich met warme modder insmeren en masseren. Natuurlijk willen weer diverse Indonesiërs met ons op de foto, wat we blijmoedig laten gebeuren. Zelfs Martijn die nooit wil lachen op de foto tovert een big smile tevoorschijn. En wie komen we op de terugweg tegen.......... Jawel, de Puiflijkers. Iedere toerist maakt hier hetzelfde rondje. Daarna staat een bezoek aan een theefabriek op het programma. Dat is fantastisch leuk. We worden rondgeleid en zien het hele productieproces aan ons voorbijgaan. Martijn is helemaal in zijn element en vraagt de gids de oren van het hoofd over de logistiek en waar de "bottleneck" van het proces zit. Dit is de machine of de bewerking die cruciaal is voor een goede doorstroming binnen de fabriek. Bij de theeproductie is dit volgens de gids het 1e droogproces van de ruwe theebladeren. Het drogen duurt 14 uur en als dit stagneert hebben de volgende machines geen toevoer. Al met al een reuze interessante rondleiding waar we veel van opgestoken hebben.
Als toetje rijden we naar de warmwaterbronnen van Ciater. We stellen ons bubbelende meertjes met naar zwavel stinkend water voor omringd door hoge bergen en tropisch regenwoud, maar het blijkt een soort heetwater zwembad annex restaurant. We trekken onze zwempakken aan en laten ons in het water van 42˚ zakken. Dat is bloedheet, maar wel heerlijk ontspannend. In het restaurant staat een indisch buffet klaar en we nemen een heerlijke verse juice erbij. De doe-dag is ons allemaal uitstekend bevallen. Morgen vroeg op, want om 7 uur vertrekt de trein naar Yogya.

                                           Nasi Timbel


                                           Theefabriek

                                     Theeplantage met 2 groene theeblaadjes


1 opmerking:

  1. Beste allemaal,

    Gezond jaloers ben ik op jullie, maar door de verhaaltjes leef ik een beetje mee.
    Geniet er van en heel veel plezier.

    Groet van Joyce

    BeantwoordenVerwijderen